Bespreking van Hot Issues
Boekbespreking:
The assassination of Marilyn Monroe

U kan steeds reageren via het Forum


Boekbespreking April 1999:



WOLFE, Donald H. (1998) The Assassination of Marilyn Monroe. London, Little, Brown and Company.

HEYMAN, David C. (1998) RFK. A Candid Biography.
London, William Heinemann.

 

"Look, Marilyn, you're just another one of Jack's fucks."

(Peter Lawford, May 1962)

Na Hersh's "The Dark Side of Camelote" (1997) verschijnen er nu opnieuw twee boeken, die het verhaal van de broers Jack en Bobby Kennedy én hun relatie met Marilyn Monroe zo mogelijk nog tragischer maken.

Marilyn Monroe hield eraan om aanwezig te zijn op President Kennedy's verjaardaggala in Madison Square Garden op 19 mei 1962. Monroe was volop bezig met de opnames van "Something's Got to Give" en haar bazen van Fox waren helemaal niet opgezet met de idee de opnames wéér eens te moeten stilleggen omwille van een zoveelste afwezigheid van hun vedette. Monroe zette door en werd de ster van de avond!

Getooid in haar bekend gewaagde jurk zong ze "Happy birthday ,Mr. President" op een moment dat ze reeds drie jaar een verhouding had met de president. Dit optreden betekende echter voor Monroe het begin van het einde. Na dit optreden zou ze de president nooit meer terugzien. President Kennedy was pas door J.Edgar Hoover, hoofd van de FBI, herinnerd geworden aan de kwetsbaarheid van zijn positie indien zijn relaties met Monroe en Judy Campbell zouden bekend worden. In eerste instantie wordt Peter Lawford, de schoonbroer van de Kennedy's' belast met het overbrengen van de boodschap dat Jack Kennedy voortaan géén contact meer wenste met Monroe. Lawford brengt de boodschap over zoals hier boven reeds aangegeven én op een moment dat Dr. Greenson, haar psychiater en tevens vertrouwenspersoon, afwezig is. Zoals voorspelbaar reageerde de vedette met een nieuwe mentale ineenstorting. Na het verdriet kwam de woede en Monroe dreigde ermee om tijdens een persconferentie een boekje open te doen over haar relatie met zowel Jack als Bobby Kennedy. Door deze dreiging werd ze "an imminent danger" (Wolfe, 1998,p.421). Voor Jack Kennedy was zijn broer Bobby "the logical one to solve "the Marilyn problem" (Wolfe,1998, p.421). Minder dan drie maanden later lag Monroe dood in haar Brentwood slaapkamer. Tijdens deze laatste elf weken zou haar leven op opvallende wijze doorkruist worden met het leven van Bobby Kennedy, "the attorney general of the United States" (Heymann, 1998, p.304).

De breuk met Jack Kennedy komt er dus op een moment dat Monroe méér dan ooit in het middelpunt van de belangstelling staat én tegelijkertijd door Fox wordt ontslagen. De psychologisch kwetsbare Monroe krijgt tegelijkertijd opvallend véél te verteren. Zat Bobby Kennedy achter haar ontslag bij Fox ? Was dat de eerste golf van druk die op haar werd uitgeoefend ? Peter Lawford informeert de Kennedy's dat Monroe blijft dreigen met het openbaar maken van haar relatie met de Kennedy broeders. Ze laat zelfs weten bepaalde telefoongesprekken op band opgenomen te hebben en hiermee tekent Monroe hiermee wellicht haar doodvonnis. Heymann (1998,p.322) stelt:

"op één of andere manier had Bobby Kennedy vernomen (wellicht van Pat Newcomb) dat zijn beroemde vedette niet alleen een romantische verhouding had met de Kennedys maar ook met haar psychiater. Indien dit zou bekend worden zou dit gelijk het einde van de carrière van Greenson betekenen; erger nog hij zou in de gevangenis belanden"

. "Marilyn has got to be silenced" zei Bobby tot Greenson of woorden van gelijke strekking. Greenson werd dus opgezadeld door Bobby "to take care of Marilyn". Wolfe merkt in zijn boek drie merkwaardige gebeurtenissen op:

  1. Kort voor middernacht op 4 augustus 1962, de dag waarop Marilyn Monroe overleed, werd een mercedes door de politie tegengehouden die méér dan vijfenvijftig mijl (!) oostwaarts reed. Als de politieman de inzittenden identficeert blijkt Peter Lawford, Kennedy's schoonbroer aan het stuur te zitten en achterin zitten Robert Kennedy, "the attorney general of the United States" én Dr. Ralph Greenson…(p.3-4). Monroe was toen pas overleden rond 22h30.
  2. De faculteit van UCLA en meer bepaald het psychoanalytisch instituut, waar onder meer Ralph Greenson de dienst uitmaakte, ontving kort na de oprichting van "the Los Angeles Suicide Prevention Team" "a sizable grant from the National Institute of Mental Health, under the government welfare program initiated by Robert Kennedy and administered by his intimate friend of many years, David Hackett"(p.37).
  3. Verder is merkwaardig dat Wolfe het werk van de bekende biograaf Donald Spoto (1993) Marilyn Monroe: The Biography" openlijk tegenspreekt. Spoto ontkent het bestaan van een relatie tussen Bobby Kennedy en Marilyn Monroe en pleit de Kennedy's vrij van enige betrokkenheid bij de dood van Marilyn Monroe. Hij beschuldigt daarentegen Dr. Ralph Greenson en Eunice Murray van moord op de vedette door middel van zetpillen en/of een lavement met barbituraten.

Het boek van Donald Wolfe leest als een thriller, dat de lezer achterlaat met vele vragen en gevoelens van verontwaardiging. Het begint reeds bij de eerste -competente (!)- politie-inspecteur, Jack Clemmons, die 's morgens om 4h30 ter plaatse wordt gestuurd. Hij wordt de woning van Monroe binnengelaten door de huishoudster Eunice Murray en treft er bij het lijk van Monroe dr. Hyman Engelberg én dr. Ralph Greenson aan. Een beweging makend naar het nachttafeltje waarop een leeg flesje Nembutal staat, zegt Greenson: "ze pleegde zelfmoord…ze nam dit allemaal in…" Clemmons heeft onmiddellijk het gevoel dat er iets niet klopt en vindt ook de positie van het lijk merkwaardig. Volgens hem is ze verplaatst na haar overlijden. Monroe was door dr. Engelberg officieel dood verklaard om 0h30 en de politie werd pas verwittigd om 4h25 (?). Clemmons vond het gedrag van beide dokters vreemd; ze hadden géén verklaring voor het tijdsinterval van vier uur en bovendien kon Clemmons nergens een glas ontdekken waardoor hij zich afvroeg hoe Monroe de Nembutal tabletten had kunnen innemen. Verder was het vreemd dat de huishoudster volop drukdoende was met de was. Na deze eerste observaties en vaststellingen van deze doorwinterde speurder volgen de verbazende gebeurtennisen elkaar op. Wolfe verwijst ook naar de verrassende wijze waarop één van de jongste lijkschouwers, namelijk de Japanse dr. Noguchi, door de hoofd anatoom - patholoog werd aangewezen om de autopsie op Monroe uit te voeren. De diverse moordtheorieën hadden allemaal dezelfde rode draad: Monroe stierf door injectie én niet door het slikken van pillen. Noguchi onderzocht Monroe's lichaam op wonden toegebracht door injectienaalden maar kon deze niet vinden. Dit laatste betekent dan weer niet dat er géén injectie plaatsvond. Noguchi's onderzoek werd later danig in de war gestuurd. Zo bleven de resultaten van toxicologisch onderzoek op bepaalde organen "toevallig" achterwege ondanks dat dergelijke onderzoekingen tot de standaardprocedure behoren. Als jongste anatoom - patholoog mocht Noguchi de kritiek incasseren, die hem twintig jaar zou blijven achtervolgen… Tussen haakjes: het aanduiden van de "jongste" - en dus minst ervaren onderzoeker- gebeurde ook bij het onderzoek naar de (zelf)moord op Vince Foster, de ambtenaar hoogst in de hiërarchie, die overleed zoals President John F. Kennedy in verdachte omstandigheden in juli 1993. Is het voor de FBI makkelijk om hierdoor het onderzoek te manipuleren en de schuld voor het "mislopen van het onderzoek" in de schoenen te schuiven van onervaren onderzoekers? (Evans-Pritchard,1997).


De conclusie van Wolfe is dat zeven getuigen (Eunice Murray, Norman Jefferies, Pat Lawford, Bobby Kennedy, dr. Greenson en dr.Engelberg én Pat Newcomb) hebben samengewerkt en actief hebben gelogen over de omstandigheden van Marilyn Monroe's dood teneinde de aanwezigheid van Bobby Kennedy te helpen verdoezelen. Deze sleutelfiguren blijken allemaal verbazend aan elkaar gerelateerd te ziijn en een verborgen agenda te hebben.


Het contrasterende gedrag tussen Ralph Greenson als opleider (én voorbeeld) en zijn gedrag als hulpverlener (?) in de praktijk naar zijn beroemde cliënte is op zijn minst frapant te noemen. De rol van psychoanalyticus met deze van een medicijn toediende arts is strijdig met de taakverdeling tussen hulpverleners in dergelijk geval.


Kortom, boeken die ons de illusie ontnemen dat de Belgische ziekte ooit zal worden genezen. De (werkelijke) macht is immers onzichtbaar…

Bob Rylant

 

Literatuur: